De woningvoorraad groeide per saldo met 70.000 woningen tot bijna 8,3 miljoen, onder meer doordat er ook woningen zijn gesloopt. De netto groei komt uit op 0,9 procent, terwijl de bouwambitie van de overheid al langer rond de 100.000 woningen per jaar ligt.

Nieuwbouw blijft rond 69.000, andere toevoegingen dalen

Volgens het CBS zijn er in 2025 ongeveer 69.000 nieuwbouwwoningen gebouwd. Daarnaast kwamen er bijna 11.000 woningen bij via andere vormen van woningbouw, zoals het ombouwen van panden tot woningen en het splitsen of samenvoegen van bestaande woningen. Opgeteld gaat het daarmee om bijna 80.000 toegevoegde woningen, waarmee het aantal toevoegingen voor het derde jaar op rij lager uitvalt dan in 2022.

Tegelijkertijd verdwijnt er elk jaar ook woonruimte uit de voorraad. In 2025 zijn 9,5 duizend woningen gesloopt, waardoor de totale woningvoorraad per saldo met 70 duizend woningen toenam. Het CBS benadrukt dat het om voorlopige cijfers gaat.

Veel vergunningen, maar opleveringen volgen niet automatisch

In 2025 is voor bijna 86.000 nieuwbouwwoningen een bouwvergunning afgegeven. Dat is lager dan in 2024 (bijna 94.000), maar nog steeds hoger dan in meerdere jaren daarvoor. Toch leidt een hoger aantal vergunningen niet direct tot meer woningen die daadwerkelijk worden opgeleverd.

Een belangrijke verklaring is dat het langer duurt om woningen te bouwen nadat een vergunning is afgegeven. Daarnaast worden sommige vergunningen later weer ingetrokken; sinds 2019 schommelt dat volgens het CBS tussen de 3 en 5 procent. Daardoor is het verschil tussen plannen op papier en woningen in de praktijk hardnekkig.

Grote verschillen per provincie en gemeente

Regionaal zijn de verschillen groot. In Noord-Holland werden in 2025 de meeste nieuwbouwwoningen gebouwd: 14.000, met 18.100 vergunde nieuwbouwwoningen. Zuid-Holland volgde met 12.900 nieuwbouwwoningen (17.900 vergunningen) en Noord-Brabant met 11.300 (13.800 vergunningen). Onderaan staan Drenthe en Fryslân met beide 1.300 nieuwbouwwoningen; in Fryslân werden wel relatief veel vergunningen afgegeven (2.400), in Drenthe 1.400.

Op gemeenteniveau springt Amsterdam eruit met 8.100 woningen die gereedkwamen; de woningvoorraad van de hoofdstad staat daarmee op 494.000 woningen. Na Amsterdam werden in Utrecht de meeste woningen toegevoegd (2.800). Relatief gezien groeide de woningvoorraad het hardst in Kapelle: daar kwamen 260 woningen bij, goed voor 4,7 procent groei.